Het gebouw

De ontwikkeling van de spoorwegen is van grote invloed geweest op het sociaal en economisch leven in Noord-Nederland. Met de komst van de trein werd het mogelijk om grote aantallen mensen en hoeveelheden goederen snel te verplaatsen. Om die ontwikkeling in de dunbevolkte gebieden een steun in de rug te geven ging de Staat zich halverwege de negentiende eeuw bezighouden met de aanleg van een spoorwegnet.

Bij de door de Staat aangelegde spoorlijnen behoorde ook de bouw van stationsgebouwen. Hiervoor ontwierp de bouw- en werktuigkundige K.H. van Brederode in 1862 vijf standaardtypen stations. Deze zogenoemde “Waterstaatsstations” waren economisch, deugdelijk en functioneel, terwijl ze toch een zekere grandeur uitstraalden. Zuidbroek, dat in 1865 werd gebouwd, is te beschouwen als een uitvoering van het type derde klasse dat afwijkt van het oorspronkelijke ontwerp met een middenrisaliet, dat afgeschuinde hoeken en iets meer versiering van de gevels heeft. Deze uitvoering werd ook gebouwd in onder meer Assen, Heerenveen, Hoogeveen, Hoogezand en Nieuweschans. Deze zijn helaas allemaal afgebroken.

In 1959 is een groot deel van het station Zuidbroek afgebroken waarbij de bovenverdieping verdween en de vleugels met de helft werden ingekort. Toch bleven de karakteristieke elementen behouden als een station van Brederode. Station Zuidbroek is het enige overgebleven stationsgebouw van dit type.

Bovendien is dit het oudste stationsgebouw van de provincie Groningen. Voor het dorp en met name de Stationsstraat is het een markant en beeldbepalend object met een historische waarde. Mede om die reden heeft de toenmalige gemeente Oosterbroek in 1989 besloten het stationsgebouw van de NS te gaan huren. Een destijds voorgenomen sloop werd daarmee gelukkig voorkomen. Echter door het ontbreken van een passende functie verpauperde het stationsgebouw snel en in 2001 stond sloop opnieuw op de agenda. De eigenaar, NS Vastgoed, was het gebouw liever kwijt dan rijk.

Dit trof enkele inwoners uit de omgeving en zij spanden zich in om te zoeken naar een passende herbestemming van het gebouw. Zij verenigden zich in de stichting Noord-Nederlands Trein & Tram Museum die zich inspant om het gebouw in oude luister te herstellen en daarin een museum onder te brengen dat zich richt op de presentatie van het Noord-Nederlandse verleden van ijzer en stoom, sporen en rijtuigen, treinen en trams. Hun inspanningen resulteerden in de aankoop en restauratie van het stationsgebouw en het opbouwen van een museale kerncollectie.

De restauratie van het pand is  eind 2014 naar zijn oorspronkelijke verschijningsvorm gerealiseerd.